Logo Utrecht University

Philosophy of the Arts

authenticiteit

Restauratie is vervalsing

Daniel Goldreyer restaureerde Barnet Newmans “Who is Afraid of Red, Yellow and Blue, III” nadat dat op 21 maart 1986 door Van Bladeren beschadigd was met een stanley-mes. Hij deed het werk over met een verfroller.

Volgens mij verving hij het materiaal waar het werk van was gemaakt en claimde hij vervolgens dat het resultaat de originele Newman was. Precies wat vervalsers ook doen. Conclusie: Goldreyer vervalste het schilderij.

Is niet iedere restauratie een vervalsing?

1. Allereerst, maar dat is banaal, neemt een restauratie een deel van de geschiedenis van het doek weg, nl. de vernieling ervan. Wij vinden dat een banale overweging omdat die vernieling juist niet bij het werk hoort! (Alleen bij Lucio Fontana behoorden de vernielingen tot het werk).
2. Maar, en dit is ernstiger, als deze redenering klopt, dan is het kunstwerk niet identiek aan het materiaal. Dat lijkt koren op de molen voor beeldend kunstenaars die claimen dat ze genoeg hebben aan hun concept en dat de materiaalkeuze feitelijk contingent is voor de betekenis en waarde van het werk.

…Natuurlijk moeten restaurateurs hun gloeiende best doen…

“Lijkt”, zei ik—want concept-kunstenaars zitten ernaast (met dit argument tenminste): de realisering van het concept in het materiaal, dat is het werk. Als Goldreyer het materiaal vervangt verwijdert hij ook die realisatie door de kunstenaar van het werk daarin.
Dat nu, geldt voor iedere restauratie. Men wil zeggen dat restaurateurs heel, heel, heel erg goed hun best moeten doen om de in de materiaalbewerking door de kunstenaar gerealiseerde intenties in stand te houden, maar dat is metafysisch, of ontologisch onmogelijk. Natuurlijk moeten we dit eisen, en natuurlijk moeten restaurateurs hun gloeiende best doen, maar iets van het werk raakt er altijd door verloren—trouwens, in alle eerlijkheid: er gaat natuurlijk ook al iets van het werk verloren door een beschadiging!

Samenvattend (enkele onderdelen van ons kunst-concept)

  • Een kunstwerk is niet identiek aan zijn materiaal—maar het is er wel in gerealiseerd. Het supervenieert op het materiaal: haal je er iets van weg dan verandert het werk. (Concept-kunst is een contradictio in terminis.)
  • Wat artistiek materiaal is hangt af van het kunstwerk dat erin gerealiseerd is—het materiaal subvenieert onder het kunstwerk: een klodder verf is pas artistiek materiaal als het een esthetische rol speelt in een kunstwerk.
  • Een vervalsing is een vervanging van het materiaal van het werk, en dus ook van het werk—wat we willen kunnen waarnemen aan een kunstwerk is de manier waarop de kunstenaar erin zijn intenties realiseerde. Wat dit onmogelijk maakt is een vernieling van het werk; en als het voorgeeft wel het werk te zijn, dan is het een vervalsing.
  • Welbeschouwd zijn restauraties dus ook vervalsingen.

Vernieling van kunst

Maar het kan erger. Metaal-dieven die kolossale bronzen sculpturen van Henri Moore uit openbare tuinen stelen om die vervolgens om te smelten voor het metaal, die vernielen niet alleen de werken die ze omsmelten maar betonen op geen enkele manier respect voor de kunstpraktijk. Dat kan men van vervalsers niet zeggen: zowel restaurateurs als moedwillige vervalsers gaan uit van de betekenissen die in de kunstpraktijk de rondte doen. (En daar valt uiteraard nog meer over te zeggen, maar niet hier).

You must be logged in to post a comment.