Logo Utrecht University

Philosophy of the Arts

Film

Speciale Effecten van Films

Van Luchino Visconti is bekend dat hij zijn acteurs in kostuums uit de tijd liet spelen en rondlopen om hun bewegingen authentiek te maken (men denke hierbij ook aan Walter Benjamins opvatting over hoe de camera doordringt in haar object). Men kan zich voorstellen dat de huidige pogingen om Ciné Città te behouden hun belang ontlenen aan het feit dat hier, in een studio vol grote gebouwen, de acteurs ook echt kunnen rondlopen in omgevingen waar ze gegeven het filmverhaal in geacht worden rond te lopen. Men kan hierbij denken aan Huizinga’s notie van de historische sensatie: de historicus die zijn archieven verlaat om deplaats delict te bezoeken, rond te lopen op de plaatsen waar zijn onderwerpen destijds getuige van de geschiedenis zijn geweest, met geen ander doel dan persoonlijk contact te krijgen met hoe het was.
De zogenaamde Method Acting methode is gebaseerd op een soortgelijk beginsel: dat het niet echt mogelijk is om voor de camera een ander te spelen; je moet die ander al zijn, zodat je jezelf kunt zijn en niet hoeft te spelen.
Waar dit om gaat is het belang van de manier waarop een acterend lichaam zich in de context van zijn lichaam beweegt, en de betekenissen die in houdingen overgedragen worden. Robert Bresson gebruikte zijn acteurs als marionetten en hij bedoelde dat zijn acteurs niet hoefden te spelen, en dat hij zelf, als regisseur, in de montage er dan wel betekenissen aan toe zou voegen. Het resultaat van zijn opvatting is te zien in prachtige films als Pickpocket (1959), Lancelot du Lac (1974), en L’Argent (1983). Maar Bresson is een uitzondering. Over hem heb ik het hier nu even niet .

Tegen die achtergrond is het interessant om te bezien hoeveel moeite animatoren hebben om met computertechnieken mensachtige gelaatsexpressies te creëren. Je ziet het op Nickelodeon, in series als Jimmy Neutron, Bratz en films als Over the Hedge, Toy Story, Incredibles, Finding Nemo, Robots, Antz, Shreck, I, II, en III. Animatie-films die sculpturale (Wallace and Gromit) of getekende animatie als vertrekpunt nemen leiden niet aan het euvel dat ze moeten pogen menselijk expressie te evenaren.

Ik tel één en één op. De piraten in Pirates of the Caribbean zijn ondood. Davy Jones, de man die diepzeeslangen als baard heeft. Het zijn computer-animaties: er is een acteur die de bewegingen maakt, maar een computerprogrammeur “plakt” er de slangen aan en laat die de bewegingenn van de man “volgen”. Het is, wat men dan met een understatement noemt, ontzettend goed gedaan”, “net echt”, maar ook: “niet echt”. Nu is dat voor ondoden niet zo erg, want die zijn toch al niet echt. Maar je wil wel dat ze levensecht ondood zijn…

De effecten van films

Er is veel en vaak nagedacht over de effecten van films, maar altijd gaat het daarbij om de inhouden (porno en geweld moet van de beeldbuis geweerd, zeker op bepaalde tijdstippen). Wat ik me afvraag is wat het effect is van bewegende lichamen wier bewegingen niet echt zijn, maar computer-geanimeerd, d.w.z. luisterend naar de logica van wat er softwaretechnisch momenteel mogelijk is en in de mate waarin mensen in staat zijn om met digitale middelen echte bewegingen te imiteren—als ware het echt.
We hebben al betoogd hoe Von Hagens Plastinaten door de plastinatoire manipulaties van de lijken iedere realistische bewijskracht verloren hebben (en daarmee iedere wetenschappelijke relevantie). In het onderhavige geval gaat het om niets zo hoogdravends. Alleen maar om het bewustzijn van gewone mensen: we verliezen langzaam maar zeker het contact met wat het is om echte mensen te ontmoeten. We maken de weg vrij voor een cosmetisch chirurgisch bewerkte mensensoort.

Dat zulke ontwikkelingen onafwendbaar zijn, betekent niet dat we er niet over na moeten denken.

You must be logged in to post a comment.